II. LEERJAREN

Klas 1 en 2

Op het Johan de Witt-gymnasium is er geen brugklas, omdat we maar één niveau onderwijs aanbieden: het gymnasiale vwo. In de eerste week staat kennismaken centraal: kennismaken met je klas, met je mentor, tutoren, de vakken die je gaat volgen en natuurlijk met het gebouw. We leren je snel je weg vinden. In de eerste week gaan we op stap met alle nieuwe eerste klas leerlingen. Je leert dan niet alleen je eigen klas kennen, maar ook de kinderen uit de andere eerste klassen. 

In de onderbouw staan de vakken Nederlands, Frans, Engels, geschiedenis, aardrijkskunde, wiskunde, beeldende Vormgeving en lichamelijke opvoeding op het rooster. Daarnaast worden andere vakken alleen aan bepaalde jaarlagen gegeven. In de eerste klas wordt een geïntegreerd programma van klassieke cultuur, Grieks en Latijn aangeboden. Vanaf de tweede klas staan beide klassieke talen apart op het rooster. Duits en natuurkunde worden aangeboden vanaf de tweede klas. Economie en scheikunde vanaf de derde klas. Daarnaast heb je in het eerste leerjaar de keuze om een niet traditionele vakken te kiezen tijdens de JdW-uren. 

Elke week heb je een mentoruur en een studievaardighedenuur waarin je alle vragen beantwoord krijgt over het schoolleven bij ons, maar ook over actuele thema’s als “Mediawijsheid” of “Alcohol en Drugs”. Hoe laat begint de les? Wie is meneer Jansen? Waar is lokaal 202? Je mentor en tutoren helpen je op weg. Tutoren zijn leerlingen uit klas 5, die jouw klas begeleiden en aan wie je ook je vragen kunt stellen. Zo staat er altijd iemand voor je klaar. In de eerste twee schooljaren zal het accent liggen op kennismaken, leren plannen en organiseren onder begeleiding van mentoren. Dat is erg belangrijk, zodat we samen gaan ontdekken hoe je werkt met boeken én een laptop.  

Klas 3
Aan het einde van klas 3 maken leerlingen een keuze uit een van de vier profielen: Natuur & Techniek (N&T), Natuur & Gezondheid (N&G), Economie en Maatschappij (E&M) en Cultuur & Maatschappij (C&M). Dit zijn samenhangende vakkenpakketten, waarbinnen soms nog keuzemogelijkheden bestaan. Daarnaast volgt iedere leerling een aantal gemeenschappelijke vakken. Tot slot kiezen de meeste leerlingen nog één of twee extra examenvakken. In het derde leerjaar ligt het accent op de voorbereiding op de profielkeuze.

Klas 4 

Staat in het teken van het opstarten van een deel van het examenprogramma van het PTA onder begeleiding van de mentoren en de Staat in het teken van het opstarten van een deel van het examenprogramma van het PTA onder begeleiding van de mentoren en de decaan. Voor het vierde leerjaar is door docenten van de school het vak onderzoeksvaardigheden ontwikkeld. Bij dit voor alle leerlingen verplichte vak worden de leerlingen wegwijs gemaakt in het goed en verantwoord kunnen uitvoeren van onderzoek. Hiermee worden zij goed voorbereid op het profielwerkstuk later in de bovenbouw en leggen zij ook een fundament voor het kunnen opzetten en uitvoeren van onderzoek in hun vervolgopleidingen. De lessen in de bovenbouw volgen het programma in profielen van de tweede fase en bestaan uit een gemeenschappelijk deel, een deel dat per profiel verschilt en een vrij deel. Het gemeenschappelijk deel omvat de vakken Nederlands, Grieks en/of Latijn, Engels en Lichamelijke Opvoeding. 

Klas 5 en 6

Hier ligt de nadruk liggen op het zelfstandig afronden van PTA’s, het uitvoeren van een profielwerkstuk en het oriënteren op een vervolgstudie, onder begeleiding van een docent en de decaan. 

Alle leerlingen hebben een zekere vrijheid in het plannen van hun werk, maar moeten daarbij wel voldoen aan de eisen van het studieprogramma. De docent heeft een sleutelrol door het opstellen van het studieprogramma, het verzorgen van de lessen en de begeleiding van de practicumuren.