Bevorderingsnormen klas 1-5
Bevorderingsnormen Johan Junior
De Johan Junior brugklas (JJBK) is bedoeld om zeer jonge, hoogbegaafde leerlingen een goede start te
laten maken in het voortgezet onderwijs. Omdat de leerlingen in de JJBK vaak kwetsbaar, maar in
potentie succesvol zijn, is het nodig om het curriculum (en daarmee de bevorderingsnormen)
passend te maken.
Vooral in het eerste en deels in het tweede jaar, wordt er formatief gewerkt. Naast die formatieve
evaluatie op vakniveau, kijken we ook naar de vooruitgang op het gebied van persoonlijke
ontwikkeling. In de JJBK worden de leerlingen intensief begeleid bij het ontwikkelen van executieve
functies, metacognitieve en sociaal-emotionele vaardigheden. De bevorderingsnormen voor de JJBK
bestaan hierdoor niet alleen uit een beoordeling op vakniveau, maar we kijken ook naar de
vooruitgang op het gebied van persoonlijke ontwikkeling.
Doelenkaarten
In het eerste jaar evalueren we formatief door middel van een leerdoelenkaart per vak. Aan het begin
van de periode deelt de vakdocent de leerdoelen met de leerlingen. Tijdens de periode worden de
leerdoelen bijgehouden en geëvalueerd door middel van formatief handelen. Voorbeelden hiervan
zijn de observaties van de docent in de klas, opdrachten die tijdens de lessen worden gemaakt,
onderwijsleergesprekken en eventueel korte, formatieve testen tijdens de les. Aan het einde van de
periode maakt de vakdocent de doelenkaart volledig door per doel aan te geven of het doel wel, niet
of deels behaald is. Ook schrijft de docent een persoonlijke evaluatie per leerling waarin aangegeven
wordt wat de leerling al goed kan en waar we de komende periode aan gaan werken.
Vakkenoverzicht
Twee keer per jaar (periode drie en vijf) wordt er een vakkenoverzicht gemaakt (op basis van de
leerdoelenkaarten) waarbij de leerlingen rood, oranje of groen kunnen scoren voor ieder vak. Hierin
betekent groen dat de leerling op de goede weg is en dat de doelen voor dat vak grotendeels behaald
zijn. Oranje betekent dat we een lichte zorg hebben voor het vak en rood betekent dat de leerling het
vak erg lastig vindt. In beide gevallen gaan we met ouders in gesprek over de zorgen en maken we
een passend plan van aanpak.
Persoonlijke ontwikkeling
Naast de cognitieve leerdoelen vinden we het belangrijk dat de leerlingen zich ontwikkelen op het
gebied van executieve, metacognitieve en sociaal-emotionele vaardigheden. In deze persoonlijke
ontwikkeling kijken we voor de overgang naar JJBK 2 naar de volgende onderdelen:
▪ Hoe ontwikkelen de executieve functies van de leerling? Hiervoor gebruiken we het
scoreformulier van breinhelden. Twee keer per jaar vult de mentor (samen met de leerling)
dit formulier in. We verwachten tussen beide meetmomenten ontwikkeling te zien.
▪ Wordt de leerling hier op school gelukkig? Hierbij kijken we naar sociaal-emotionele
ontwikkeling, welbevinden en zelfredzaamheid.
Overgang naar JJBK2
Een leerling wordt bevorderd van JJBK1 naar JJBK2 als:
-Er in het vakkenoverzicht acht van de elf vakken met groen en niet meer dan twee vakken
met rood beoordeeld zijn.
-Er voldoende groei zichtbaar is op het gebied van persoonlijke ontwikkeling. Hierbij kijken we
naar de checklist executieve functies en naar het welbevinden van de leerling.
Eventuele zorgen rondom bevordering van JJBK1 naar JJBK2 delen we vroegtijdig met ouders. In JJBK1
vinden er vijf persoonlijke ontwikkelgesprekken plaats tussen mentoren van JJBK, ouders en de
leerling. In deze gesprekken komen de doelenkaarten, het vakkenoverzicht en de voortgang op het
gebied van persoonlijke ontwikkeling aan bod. Hierdoor kunnen zorgen rondom overgang vroegtijdig
gesignaleerd en gedeeld worden met ouders. Mocht een leerling niet overgaan naar JJBK2, zoeken we
(samen met ouders) naar een passende plek voor de leerling.
Bevorderingsnormen van leerjaar 1 naar leerjaar 2
Een leerling wordt beoordeeld op alle vakken. Het cijfer wordt per vak bepaald door het gewogen
gemiddelde van de vijf toetsweken. Een leerling wordt bevorderd bij ten hoogste drie tekortpunten in
twee vakken, waarbij elk tekortpunt dubbel gecompenseerd moet worden. Het cijfer vijf geldt als
één tekortpunt en het cijfer vier als twee tekortpunten.
Compensatieregeling:
▪ één vijf moet gecompenseerd worden door twee cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één vier moet gecompenseerd worden door drie cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één drie kan niet gecompenseerd worden;
▪ één acht, negen of één mag eenmaal geteld worden als tweemaal zeven.
Het bestuur mandateert de docentenvergadering om te beslissen over de bevordering van een
leerling conform het vastgestelde beleid.
De schoolleiding behoudt zich het recht voor een leerling te bevorderen buiten bovenstaande
bevorderingsnormen om, mits de bijzondere gronden op basis waarvan dat plaatsvindt, vóór de
voorvergadering bekend waren bij de afdelingsleider. Daarnaast wordt er tijdens de
overgangsvergadering altijd gekeken naar de persoonlijke ontwikkeling van een leerling. De leerling
kan kansrijk worden bevorderd, ondanks het feit dat er niet aan alle overgangsnormen wordt
voldaan.
Fraude/plagiaat
Indien een leerling van leerjaar 1 zich ten aanzien van het schoolwerk aan onrechtmatigheid schuldig
maakt of heeft gemaakt, kan de afdelingsleider van leerjaar 1 maatregelen nemen.
Onregelmatigheden kan plagiaat, spieken, gebruik van mobiele telefoon of een ander hulpmiddel
waarmee datacommunicatie mogelijk is, overleggen met medeleerling(en) tijdens toets en dergelijke
ongeoorloofde handelingen betreffen. Een maatregel kan zijn dat het cijfer 1,0 wordt toegekend voor
het desbetreffende onderdeel.
Regeling cum laude bevordering
Een leerling wordt cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op het
eindrapport 8,0 tot 9,0 is en geen enkel eindcijfer lager is dan een 7,0.
Een leerling wordt summa cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op
het eindrapport 9,0 is of hoger en geen enkel eindcijfer lager is dan een 8,0.
Bevorderingsnormen van leerjaar 2 naar leerjaar 3
Een leerling wordt beoordeeld op alle vakken. Het cijfer wordt per vak bepaald door het gewogen
gemiddelde van de vijf toetsweken. Een leerling wordt bevorderd bij ten hoogste drie tekortpunten in
twee vakken, waarbij elk tekortpunt dubbel gecompenseerd moet worden. Tevens geldt dat de som
van de afgeronde eindcijfers voor beide klassieke talen elf is, waarbij het laagste afgeronde cijfer niet
lager dan een afgeronde vier mag zijn. Het cijfer vijf geldt als één tekortpunt en het cijfer vier als twee
tekortpunten.
Compensatieregeling:
▪ één vijf moet gecompenseerd worden door twee cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één vier moet gecompenseerd worden door drie cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één drie kan niet gecompenseerd worden;
▪ één acht, negen of één mag eenmaal geteld worden als tweemaal zeven.
Het bestuur mandateert de docentenvergadering om te beslissen over de bevordering van een
leerling conform het vastgestelde beleid. De schoolleiding behoudt zich het recht voor een leerling te
bevorderen buiten bovenstaande bevorderingsnormen om, mits de bijzondere gronden op basis
waarvan dat plaatsvindt, vóór de voorvergadering bekend waren bij de afdelingsleider.
De schoolleiding behoudt zich het recht voor een leerling te bevorderen buiten bovenstaande
bevorderingsnormen om, mits de bijzondere gronden op basis waarvan dat plaatsvindt, vóór de
voorvergadering bekend waren bij de afdelingsleider. Daarnaast wordt er tijdens de
overgangsvergadering altijd gekeken naar de persoonlijke ontwikkeling van een leerling. De leerling
kan kansrijk worden bevorderd, ondanks het feit dat er niet aan alle overgangsnormen wordt
voldaan.
Fraude/plagiaat
Indien een leerling van leerjaar 2 zich ten aanzien van het schoolwerk aan onrechtmatigheid schuldig
maakt of heeft gemaakt, kan de afdelingsleider van leerjaar 2 maatregelen nemen.
Onregelmatigheden kan plagiaat, spieken, gebruik van mobiele telefoon of een ander hulpmiddel
waarmee datacommunicatie mogelijk is, overleggen met medeleerling(en) tijdens toets en dergelijke
ongeoorloofde handelingen betreffen. Een maatregel kan zijn dat het cijfer 1,0 wordt toegekend voor
het desbetreffende onderdeel.
Regeling cum laude bevordering
Een leerling wordt cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op het
eindrapport 8,0 tot 9,0 is en geen enkel eindcijfer lager is dan een 7,0.
Een leerling wordt summa cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op
het eindrapport 9,0 is of hoger en geen enkel eindcijfer lager is dan een 8,0.
Bevorderingsnormen van leerjaar 3 naar leerjaar 4
Een leerling wordt beoordeeld op alle vakken. Het cijfer wordt per vak bepaald door het gewogen
gemiddelde van de vijf toetsweken. Een leerling wordt bevorderd bij ten hoogste drie tekortpunten in
twee vakken, waarbij elk tekortpunt dubbel gecompenseerd moet worden. Tevens geldt dat de som
van de afgeronde eindcijfers voor beide klassieke talen elf is, waarbij het laagste afgeronde cijfer niet
lager dan een afgeronde vier mag zijn. Het cijfer vijf geldt als één tekortpunt en het cijfer vier als twee
tekortpunten.
Compensatieregeling:
▪ één vijf moet gecompenseerd worden door twee cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één vier moet gecompenseerd worden door drie cijfers die zeven of hoger zijn;
▪ één drie kan niet gecompenseerd worden;
▪ één acht, negen of één mag eenmaal geteld worden als tweemaal zeven.
Het bestuur mandateert de docentenvergadering om te beslissen over de bevordering van een
leerling conform het vastgestelde beleid.
De schoolleiding behoudt zich het recht voor een leerling te bevorderen buiten bovenstaande
bevorderingsnormen om, mits de bijzondere gronden op basis waarvan dat plaatsvindt, vóór de
voorvergadering bekend waren bij de afdelingsleider. Daarnaast wordt er tijdens de
overgangsvergadering altijd gekeken naar de persoonlijke ontwikkeling van een leerling. De leerling
kan kansrijk worden bevorderd, ondanks het feit dat er niet aan alle overgangsnormen wordt
voldaan.
Fraude/plagiaat
Indien een leerling van leerjaar 3 zich ten aanzien van het schoolwerk aan onrechtmatigheid schuldig
maakt of heeft gemaakt, kan de afdelingsleider van leerjaar 3 maatregelen nemen.
Onregelmatigheden kan plagiaat, spieken, gebruik van mobiele telefoon of een ander hulpmiddel
waarmee datacommunicatie mogelijk is, overleggen met medeleerling(en) tijdens toets en dergelijke
ongeoorloofde handelingen betreffen. Een maatregel kan zijn dat het cijfer 1,0 wordt toegekend voor
het desbetreffende onderdeel.
Regeling cum laude bevordering
Een leerling wordt cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op het
eindrapport 8,0 tot 9,0 is en geen enkel eindcijfer lager is dan een 7,0.
Een leerling wordt summa cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op
het eindrapport 9,0 is of hoger en geen enkel eindcijfer cijfers lager is dan een 8,0.
Bevorderingsnormen van leerjaar 4 naar leerjaar 5
In het vierde leerjaar tellen cijfers voor toetsen en overige opdrachten als voortgangscijfer en/of als
onderdeel van het examendossier. Voor toelating tot het vijfde leerjaar wordt er alleen gekeken naar
het gemiddelde voortgangscijfer per vak verzameld in het voortgangsdossier.
Voor de overgang van leerjaar 4 naar leerjaar 5 wordt het cijfer van het vak dat deel uitmaakt van het
combinatiecijfer (maatschappijleer) afgerond op een heel cijfer.
Toelating tot het leerjaar 5
Een leerling is bevorderd van leerjaar 4 naar leerjaar 5 als:
▪ alle cijfers zes of hoger zijn; of
▪ er voor één vak het cijfer vijf behaald is en alle andere cijfers zes of hoger zijn; of
▪ er twee vijven behaald zijn, en alle andere cijfers zes of hoger zijn, waarbij er ten hoogste één vijf
behaald is voor de vakken Nederlands, Engels of wiskunde en het gemiddelde van alle afgeronde
cijfers tenminste 6,0 is
▪ er één vier is die niet behaald is voor Nederlands, Engels, wiskunde of een klassieke taal
(gemeenschappelijk deel) en alle andere cijfers zes of hoger zijn en het gemiddelde van alle
afgeronde cijfers tenminste 6,0 is
▪ er één vijf en één vier is, mits het cijfer vier niet behaald is voor Nederlands, Engels, wiskunde of
een klassieke taal (gemeenschappelijk deel) en het gemiddelde van alle afgeronde cijfers tenminste
6,0 is.
Voor bevordering geldt ook dat alle toetsen en praktische opdrachten uit leerjaar 4 zijn gemaakt en
dat alle handelingsdelen voor leerjaar 4 voldoende zijn afgesloten.
Regelingen rondom absentie, fraude en onregelmatigheden zijn opgenomen in het examenreglement
wat te raadplegen valt op de website van het JDW.
Regeling cum laude bevordering
Een leerling wordt cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op het
eindrapport 8,0 tot 9,0 is en geen enkel eindcijfer lager is dan een 7,0.
Een leerling wordt summa cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op
het eindrapport 9,0 is of hoger en geen enkel eindcijfer lager is dan een 8,0.
Bevorderingsnormen van leerjaar 5 naar leerjaar 6
In het vijfde leerjaar tellen cijfers voor toetsen en overige opdrachten als voortgangscijfer en/of als
onderdeel van het examendossier. Voor toelating tot leerjaar 6 wordt er alleen gekeken naar het
gemiddelde voortgangscijfer per vak verzameld in het voortgangsdossier. Het kan dus zo zijn dat er
een behoorlijk verschil zit tussen het examendossier en het voortgangsdossier.
Toelating tot leerjaar 6
Een leerling is bevorderd van leerjaar 5 naar leerjaar 6 als:
▪ alle cijfers zes of hoger zijn; of
▪ er voor één vak het cijfer vijf behaald is en alle andere cijfers zes of hoger zijn; of
▪ er twee vijven behaald zijn, en alle andere cijfers zes of hoger zijn, waarbij er ten hoogste één vijf
behaald is voor de vakken Nederlands, Engels of wiskunde en het gemiddelde van alle afgeronde
cijfers tenminste 6,0 is
▪ er één vier is die niet behaald is voor Nederlands, Engels, wiskunde of een klassieke taal
(gemeenschappelijk deel) en alle andere cijfers zes of hoger zijn en het gemiddelde van alle
afgeronde cijfers tenminste 6,0 is
▪ er één vijf en één vier is, mits het cijfer vier niet behaald is voor Nederlands, Engels, wiskunde of
een klassieke taal (gemeenschappelijk deel) en het gemiddelde van alle cijfers tenminste 6,0 is.
Voor de bevordering geldt ook dat alle toetsen en praktische opdrachten uit leerjaar 5 zijn gemaakt
en dat de handelingsdelen voor leerjaar 5 voldoende zijn afgesloten. Bovendien dienen de
werkzaamheden m.b.t. het profielwerkstuk door de begeleider als voldoende beoordeeld te zijn.
Regelingen rondom absentie, fraude en onregelmatigheden zijn opgenomen in het examenreglement
wat te raadplegen valt op de website van het JDW.
Regeling cum laude bevordering
Een leerling wordt cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op het
eindrapport 8,0 tot 9,0 is en geen enkel eindcijfer lager is dan een 7,0.
Een leerling wordt summa cum laude bevorderd indien het gemiddelde van alle afgeronde cijfers op
het eindrapport 9,0 is of hoger en geen enkel eindcijfer lager is dan een 8,0.
Versie januari 2025